J.J.de Geus              Historie Rover        
 
 
 
Homepage
Gezin
Vakantiefoto's 1
Vakantiefoto's 2
Daimio zeilboot
BMW 5 serie
Audi TT
BMW Z3
Fiat Barchetta
25 jaar Citroen
Rover 75
AR Spider
Feedback

 

 

 

 

 

 

 

                 Rover 75                                           Rover in China

James Starley en Josiah Turner startte the Coventry Sewing Machine Company in 1861. Verondersteld wordt dat de zaaimachine branche niet erg goed ging wan in 1869 startte de productie van fietsen.

In 1870 vormde Starley een partnerschip met William Hillman. Ook de neef van James Starley, genaamd, John Starley kwam hierbij. Zij begonnen de productie van zogenaamde Ariel fietsen. In 1977 begon John Starley voor zichzelf met William Stutton. Zij gingen ook fietsen produceren. In 1884 noemde hij zijn fabriek Rover. Door zijn produkten konden mensen door het land dwalen/verkennen (to rove)

fiets 

Rover geen crimineel, maar een naam afgeleid van het engelse werkwoord "to rove" (ronddolen, zwerven). De Noormannen waren in vervlogen tijden ook zwervende, vandaar het gebruik van een Vikingschip in de beeldmerken van Rover.

In 1901 stierf John Starley plotseling. Hij werd opgevolgd door zijn directeur, Harry Smith. De eerste beslissing die Smith nam was om motorfietsen te gaan maken. In 1901 was het eerste model motorfiets geproduceerd. Het was genaamd "The Imperial Rover" en was voorzien van een 2,5 pk motor.  Een jaar later nam het de beslissing om auto’s te gaan produceren. Edmund Lewis werd van Daimler aangetrokken. In minder dan 6 maanden werd een prototype gemaakt. De auto had twee zitplaatsen en een motor van 8 pk. De carrosserie werd gemaakt door Hawkins en Peake en de prijs van deze auto was 200 pond. De auto kwam in 1904 op de markt.

In 1905 werd de naam van de firma gewijzigd in de Rover Company Ltd. In 1905 werd een kleine auto geproduceerd. Deze had een motor van 6 pk en 780 cc. Dit model werd een succes. Dit model werd geproduceerd tot 1912.

De volgende stap die door Edwin Lewis nam was de ontwikkeling van twee grotere modellen. Allereerst een 10/12 pk model en een model met een 16/20 pk motor. De 16/20 werd bekend als stil en snel. Het was voorzien van een verbeterde ophanging, stuurversnelling en een 3119cc motor. In 1907 deed deze auto mee aan de RAC rally op het eiland Man.

In 1910 werd Edwin Lewis gecontracteerd door de concurrent nl. Armstrong Siddeley. Rover trok Owen Clegg aan. Clegg werkte slechts 18 maanden voor Rover maar zijn invloed was groot. Clegg construeerde de beroemde 12 pk motor die in een nieuw model werd geïntroduceerd in 1911. Deze auto was het belangrijkste product tot de Eerste Wereldoorlog.

WO I

Gedurende de Eerste Wereldoorlog werd de civiele productie gestaakt. Er werden motorfietsen met 5 en 6 pk motoren gemaakt voor het Britse en Russische leger. Voorts werden er 3-tonners, ambulances, legerauto en onderdelen voor tanks geproduceerd.

Na de oorlog werd de productie van auto’s hervat. De Viking werd geïntroduceerd als het Rover embleem. In 1924 werd een 8 pk auto geïntroduceerd voorzien van een vier cilinder watergekoelde motor. Dit model werd bekend als de “Family 10”/ The Ten Special.

Ongeveer in 1925 kwam Peter Poppe, als hoofd van de ontwerpafdeling bij Rover. Zijn eerste auto was de 14/45 model. Poppe ontwikkelde ook een zes cilinder motor. Deze motor werd geïntroduceerd in het model Meteor 16 en in de “Light Six”.

Aan het eind van de jaren dertig werd een nieuwe strategie geïntroduceerd. Rover startte de productie van kleine goedkope auto’s. Tevens werden er ook een kleine serie dure auto’s geïntroduceerd. Vanaf 1933 werd een volledige range van auto’s ontwikkeld. Dit leidde tot een succesvolle periode voor Rover.

WOII

Aan het eind van de 30-er jaren realiseerde de Britse overheid dat een oorlog onontkoombaar was. De regering droeg alle autofabrikanten op om  “schaduw” fabrieken te bouwen. Deze fabrieken werden vlak bij de vliegvelden gebouwd. De eerste schaduwfabriek van Rover werd geopend in 1937 bij Acocks Green in Birmingham. Een tweede fabriek was gelegen bij Solihull in 1939. Hier werden de motoren voor de Bristol Hercules vliegtuigen geproduceerd.

Gedurende de oorlog van 1940 tot 1945 was er geen civiele productie. In die periode werden motoren en andere onderdelen voor vliegtuigen gemaakt. Rover produceerde ook de V12 (Meteor) en V8 (Meteorite) motoren voor de Centurion en Conquerer tanks. Deze tanks werden tot 1960 geproduceerd.

Rover participeerde ook in een geheim project: de ontwikkeling van een gas-turbine motor. De Rover versie van deze motor, B26, werd de basis voor de eerste jet-enige.

Vanwege de luchtaanvallen werd de produktie verspreid over zes verschillende schaduw fabrieken en 12 kleinere fabrieken waarvan één onder de grond.

De Landrover

In 1945, toen de oorlog voorbij was, werd de oorlog productie gestopt. Rover pakte de productie van civiele voertuigen weer op in de Solihull fabriek. De eerste auto verliet de fabriek in december 1945. (Rover auto’s werden gebouwd in de Solihull fabriek tot 1981).

In het begin werden alleen modellen gebouwd van voor de oorlog. Niet tegenstaande dat werden de modellen P 1 (Post war 1 models) genoemd.

Voor de oorlog dacht Rover niet na over export. Na de oorlog was de beschikbaarheid van staal (schaarste) afhankelijk van het aantal produkten wat men exporteerde. Rover startte de productie van links gestuurde auto’s en verscheepte ze naar België en Denemarken. De volgende ontwikkeling van de ontwikkeling van de Land Rover.

Rover P2                                                  

De Amerikaanse auto-industrie had een immens voordeel omdat hun productie en development niet werd onderbroken gedurende WOII. Aan het eind van de oorlog van de taak van Rover – zoals ook bij andere Europese autofabrieken – om een moderne auto te ontwikkelen. Maurice Wilks, hoofddesigner, wilde een vier cilinder motor die gedurende WO II ontwikkeld en getest was, gebruiken voor een nieuwe auto. Hij was van plan het passagiers deel van de voor-oorlogs model te gebruiken met een moderne voorkant en achterkant. Vele klei modellen werden gemaakt maar zij waren niet te vergelijken met de moderne Amerikaanse auto’s.  A P3 from India

 

Rover P3                                                 

Rover kwam met een nieuw model, de P3. Dit werd geïntroduceerd in 1948. Al hoewel het compleet nieuw was, het leek toch nog steeds op een vooroorlogse auto. Er waren twee motoren beschikbaar. Een vier cilinder en een zes cilinder. De modellen werden genaamd: de Rover 60 en de Rover 75, genoemd naar de hoeveelheid paardekrachten.

Iedereen in de fabriek was ervan bewust dat dit een tussenmodel was. Er was simpel weg onvoldoende tijd om een volledig nieuwe auto te ontwikkelen. De produktie van de P3 duurde maar 18 maanden. De motoren werden echter langer gebruikt. Zij werden in diverse modellen en auto’s gebruikt en in de Land Rover. De motoren waren meer dan 30 jaar in gebruik.

Rover P4 “ Auntie” de eerste moderne na-oorlogse auto

In 1947 Maurice Wilks liet zijn oog vallen op de nieuwe Studebaker Champion en kocht er onmiddellijk één. Dit werd de basis voor de ontwikkeling voor een nieuw tijdperk voor Rover. In het najaar van 1949 werd het nieuwe model geïntroduceerd, de P4. Deze Rover werd de Rover 75 genoemd. Hierin lag een zes cilinder motor met 75 pk.

De eerste auto’s hadden een centrale lamp in de grill. Zij hadden de bijnaam Cyclops. Deze lamp werd in modeljaar 1952 verwijderd.

De P 4 werd tot 1964 gemaakt. De wijzigingen gedurende deze tijd waren slechts gering. Wel werden diverse motoren toegepast. De eerste was de 4-cilinder Rover 60 in 1953 en later de Rover 80, Rover 90, Rover 95, Rover 100, Rover 105 en uiteindelijk de Rover 110.

Website Rover P4:http://home.ican.net/~magnet/p4/

                         http://www.head2head.free-online.co.uk/Rover/rovmain.htm

 

Rover Trade-mark

Rover P5 

Begin 1950 was Rover van plan om een nieuw model te ontwikkelen. Het was echter duidelijk dat er onvoldoende middelen waren. Voorts was de capaciteit van de fabriek te gering voor grote productie volumes.

Uiteindelijk werd besloten om een groter model te ontwikkelen, de P5. Dit model werd in 1958 geïntroduceerd en bevestigde de reputatie van Rover als bouwer van kwaliteitsauto’s. In het begin werd de auto verkocht met een zes cilinder motor. Maar vanaf 1967 werd een nieuwe V8 3500 cc verkocht. De productie stopte in 1972. Er zijn bijna 70.000 exemplaren gebouwd.

Het Rover P5 model is bekend geworden als de Poor man's Rolls. Het was een klassieke degelijke auto die als concurrent van onder meer de Jaguar Mk serie werd verkocht. Door de hoge kwaliteit scoorde het model goed in Engelse regeringskringen als dienstauto.

Er waren twee modellen P5: de Saloon en de Coupé (vanaf de Mk II serie in 1971). Bovendien waren er twee motorvarianten leverbaar, de 3 Litre en de 3.5 Litre. De 3 Litre was voorzien van een 3 liter 6 cilinder kopklepmotor. De 3.5 Litre werd aangedreven door de in 1967 van Buick gekochte 3,5 liter V8 motor. Er werden ook enkele exemplaren geleverd met de oudere 2.4 en 2.6 liter 6 cilinder motoren.

De P5 werd ontworpen door David Bache, die enkele klassiek stijlelementen van voor de Tweede Wereldoorlog herintroduceerde.

De Rover P5 was in Engeland mateloos populair onder bewindslieden, dokters, notarissen en advocaten. Zelfs Queen Elizabeth had er één en bronnen beweren dat het haar lievelingsauto was, waarmee ze zelf graag rondreed.
De P5 was voorzien van een drie liter zescilinder lijnmotor. In 1962 kwam de P5 MKII op de markt en was er keuze tussen een saloon en een vierdeurs coupé variant. Deze laatste had een iets verlaagd dak wat de auto een sportiever en onverzettelijker aanzien gaf.

In 1967 kwam de P5B op de markt met een 3.5 liter V8 motor. Het ontwerp van deze motor had men gekocht bij het Amerikaanse Buick dat de motor gebruikte in de Buick Special en de Oldsmobile F85. Deze oerdegelijke aluminium V8 motor wordt nog altijd, in sterk geëvolueerde vorm, in de Range Rover, de Morgan plus eight en andere Britse sportwagens toegepast.

In 1973 werd de P5 uit productie genomen. De auto was echter zo populair bij de Britse overheid dat men in 1973 een groot aantal van de laatst geproduceerde P5B’s opkocht om er nog vele jaren genoegen aan te beleven. De P5 deed aldus dienst, bij de Britse overheid, tot het eind van de jaren tachtig…

Rover P6                     Rover 2000                                            

In het midden van de jaren 50 startte de discussie over een opvolger voor de P4. Dit moest een goedkopere auto zijn voor de jonge generatie. In 1963 werd de Rover 2000 geïntroduceerd. Deze auto werd verkozen als Auto van het Jaar in Europa.  Een compacte, sportieve auto was eigenlijk de eerste zakenauto ter wereld. Door en door Brits, maar in lijn weleens Italiaans genoemd. Toch duurde het een jaar of vijf voordat de P6 2000 zakelijk gezien aansloeg. Er kwam een betere motor, de 3500 en uiteindelijk werd de P6 de best verkochte Rover aller tijden.  Er gingen er 325.000 de weg op.

Rover SD 1                                              
In 1976 werd de SD 1 geintroduceerde, de Special Division nummer 1. Hij was voorzien van de bekende 3500 cc V-8 motor. Vanaf 1978 werd hij ook verkocht met een 6 cilinder motor die doorTriumph ontwikkeld was. De SD1 werd Auto van het Jaar in Europa. Hij werd tot 1986 geproduceerd.

Veel informatie over dit model ziet u op de volgende site:

http://members.home.nl/roversd1/

 

 

De vele fusies: Britisch Leyland Motor Company (BLMC)

De introductie van de SD 1 werd een jaar later echter overschaduwd door verstrekkende reorganisaties binnen de Britse auto-industrie.

Aan het eind van de 60-er jaren werden bijna alle Engelse autofabrikanten gefuseerd in de Britisch Leyland Motor Company (BLMC). Enkele fabrikanten waren winstgevend. Maar de meesten gebruikten oude technieken en leefden op hun oude namen zoals Austin, Morris, Triumph en Jaguar. Rover was een uitzondering. Rover bouwde geavanceerde auto die zeer comfortabel waren welke voor een goede prijs verkocht werden. In 1967 werd echter Rover ook onderdeel van BLMC. De eerste jaren 70 waren slechte jaren voor BLMC. In 1974 ging de firma failliet. De Britse regering nationaliseerde de firma. In 1977 werd Michael Edwards aangesteld als voorzitter van het bestuur. Hij reorganiseerde de firma. Austin-Morris ging goedkope auto’s maken; Triumph ging sportwagens maken; Rover auto’s voor de middenklasse en Jaguar dure luxe auto’s. Land-Rover kwam in een speciale divisie.

Honda

In 1979 ontstond er een samenwerking met Honda. BLMC werd opnieuw gereorganiseerd. Morris en Triumph verdwenen. Acht fabrieken werden gereduceerd tot drie. Rover auto’s werden geproduceerd in Cowley (Oxford), Austin in Longbridge (Birmingham) en Jaguar in Allesley (Coventry). Het bedrijf werd nu de Rover-groep genoemd. Ford bood aan om de personenauto divisie te kopen. General Motors wilde de Land Rover divisie kopen. Honda werd echter voor 20 % aandeelhouder. Voorts werd Britisch Aerospace de hoofdeigenaar van de Rover-groep. Honda en Rover gingen samen platforms ontwikkelen. De Honda Civic en de Rover 200/400 hadden hetzelfde platform. De Honda Accord en de Rover 600 en de Honda Legend en de Rover 800 hadden ook hetzelfde platform.

BMW

British Aerospace (BAe) maakte het bedrijf winstgevend. In het begin van de jaren 90 wilde BAe zich gaan richten op de lucht en defensie industrie. BAe wilde de vruchten van haar inspannigen innen. Honda en andere autofabrikanten werden in de gelegenheid gesteld om een bod uit te brengen op de Rover Groep.

Het beste bod werd uitgebracht door BMW AG. BMW kocht Rover voor 10 miljoen pond in 1994. Onder leiding van anglofiel Walter Hasselkus deed BMW miljarden investeringen om Rover een nieuwe toekomst te geven.  In 1996 was Rover in staat om de eerste eigen ontwikkelde auto sinds 20 jaar op de markt te brengen. Dit was de Rover 200 (later 25 genaamd). Het Rover-terrein in Gaydon werd uitgebreid met een futuristisch Design en Enginering Centre en er verrees een uiterst geavanceerde Roverfabriek in Oxford. De Rover 75 is het eerste voorbeeld van de Rover nieuwe stijl.  Het beste van Rover en het beste van BMW zijn in deze auto samengebracht: Engels raffinement en Duitse degelijkheid. De Rover 75 werd in 1999 op de markt gebracht.

 

 

Gedurende de winter van 1999/2000 wilde BMW Rover weer verkopen. Uiteindelijk werd op 10 mei een overeenkomst gesloten met de Phoenix consortium. Deze werd geleid door de voormalig Rover directeur, John Towers. Phoenix kocht Rover voor 10 pound. Phoenix was van plan om 250.000 auto’s per jaar te gaan bouwen in Longbridge. Op vrijdag 17 maart 2000 verkoopt BMW Land Rover aan Ford.  BMW houdt de pas ontwikkelde Mini.

 

De Sjanghai Automotive Industry Corporation (SAIC)/faillissement.

Rover leed onder de Phoenix groep grote verliezen. Begin 2005 toont SAIC (De Shanghai Automotive Industry) belangstelling voor de groep. Zij kopen de intellectuele rechten van de 25 en 75 modellen. SAIC weigert echter om geld te investeren in Longbridge. Dit leidt ertoe dat de Rover groep in april 2005 failliet gaat. SAIC hoopt met het faillissement de financiële verantwoordelijkheden te ontlopen en de produktiefaciliteiten tegen een lage prijs uit het faillissement te kunnen overnemen.

De Shanghai Automotive Industry Corporation (SAIC), dat in april op het laatste moment afzag van de overname van MG Rover, neemt eind 2006 in China een op de Rover 75 gebaseerde sedan in productie.
Dat is mogelijk omdat SAIC de zogenaamde ’intellectuele eigendomsrechten’ van de Rover 25 en 75 heeft bemachtigd, evenals die van tien MG Rover-motoren. De ’opgewarmde’ Rover 75 wordt het eerste model dat SAIC-logo’s opgeplakt krijgt, momenteel bouwen de Chinezen auto’s in opdracht van General Motors en Volkswagen. Voormalige MG Rover-medewerkers, waaronder veel technici, gaan SAIC helpen om de Rover 75 aan te passen op de wensen van de Chinese markt. Zo moet de ophanging worden verstevigd om de slechte Chinese wegen te kunnen trotseren. De ex-medewerkers blijven overigens wel gewoon in Engeland werken.

Nanjing Automobile

De curatoren Price Waterhouse and Coopers verkopen de Rover groep in juli 2005 aan Nanjing. Nanjing wil een groot deel van de fabrieken naar China overbrengen. Nanjing is de oudste autofabrikant van China en bestaat sinds 1947. Wat het bedrijf voor de activa van MG-Rover betaalt is niet bekend gemaakt. In het geruchtencircuit wordt een bedrag van 50 miljoen pond, 75 miljoen euro genoemd. In augustus 2005 maakt Nanjing bekend dat zij een gedeelte van de produktie in Engeland gaat houden. Zij gaan samenwerken met de GB Sportscar Company.

De laatste Rover......

 

Britsh Motor Industry Heritage Trust heeft de laatst gebouwde Rover aan de collectie toegevoegd.

 

In het Heritage Motor Centre in het Britse Gaydon wordt sinds kort de laatst geproduceerde Rover tentoongesteld. Het is een ´frostfire´-rode 75 met een 2,0-liter dieselmotor. Op 8 april 2005 ging MG Rover failliet. Daarna ging een klein aantal werknemers nog door met het afbouwen van de auto´s die op de band stonden. Deze 75 is de laatste Rover die is gebouwd.

In totaal zijn er in de eeuw dat Rover heeft bestaan bijna vijftien miljoen auto´s gebouwd. In het Heritage Motor Centre staat ook de eerste Rover 75 die in 1999 onder het bewind van BMW is gebouwd. (bron: www.autoweek.nl)

Op 8 april 2005 ging MG Rover in Longbridge failliet. De productie van de auto's stopte. Alleen een klein aantal ervaren medewerkers bleven werkzaam op de fabriek om de laatste onvoltooide auto's af te maken. Het bedrijf werd verkocht aan Nanjing Automobile Corporation of China.
 

De Rover 75 was de eerste grote Rover sinds 20 jaar. De auto verving de op Honda geïnspireerde 600 en 800. De auto werd geïntrodudeerd in 1999. De auto werd aanvankelijk gebouwd in de fabriek in Cowly in Oxford.
Toen BMW besloot om in 2000 de Rover Groep te verkopen werd de productie verplaatst naar de voormalige MG Rover fabriek in Longbridge in Birmingham. IN 2004 kreeg de "75 " een facelift.


Voor verder informatie over het museum ga naar de site:
www.heritage-motor-centre.co.uk 

Rover 75 10 jaar

Op youtube verscheen een filmpje over het 10 jarig bestaan van de Rover 75

http://uk.youtube.com/watch?v=IvOBHmwDyK8

 

 

Zie pagina "China" voor het vervolg!!!!!!

China

 

             

                                             Deze Rover 75 is nooit gekomen

 

I

 

 

Homepage | Rover Historie | China

Deze website is voor het laatst bijgewerkt op 07/10/17